Home
Welkom

Welkom bij Art.1 Bureau Discriminatiezaken Noord-Holland Noord

Art.1 Bureau Discriminatiezaken Noord-Holland Noord is een professionele en onafhankelijke organisatie die werkt aan bestrijden en voorkomen van discriminatie. Discriminatie is het ongelijk behandelen van mensen op grond van kenmerken die er niet toe doen, zoals ras of afkomst, godsdienst, geslacht, seksuele diversiteit, handicap, of leeftijd. Discriminatie kan overal voorkomen zoals de arbeidsmarktbuurt, horecareclamepolitieonderwijssport en recreatie en privé sfeer. 

Iedereen kan bij ons terecht voor gratis steun bij alle vormen van ongelijke behandeling. Onze klachtbehandelaars zijn experts op het gebied van discriminatie, hierdoor weten zij voor elke melding/klacht de juiste oplossing te vinden. Het bureau heeft naast het hoofdbureau in Alkmaar, ook een meldpunt in Den Helder en Hoorn.

Landelijke PR campagne discriminatie

Minister Ter Horst (Binnenlandse Zaken en Koninkrijksrelaties) heeft dinsdag 23 juni het startsein gegeven voor een landelijke campagne, gericht op het tegengaan van discriminatie.

Onderdeel van de campagne, naast advertenties, posters en tv en radio spotjes, is een website www.discriminatie.nl en  telefoonnummer 0900 – 2 354 354 (0900-belgelijk) waar iedereen terecht kan voor hulp en advies als het gaat om discriminatie of om (mogelijke) gevallen van discriminatie te melden. Op de website van postbus 51 is de tv spot te bekijken en de radiospot te horen.

Discriminatie 1

De centrale vraag van de campagne luidt: ‘Moet jij jezelf thuislaten als je naar buiten gaat?’ Onder die vlag benadrukt de campagne de komende zes weken dat niemand zich anders voor hoeft te doen dan hij of zij is. Bovendien onderstreept de campagne dat het sinds dinsdag 23 juni 2009 wettelijk geregeld is dat iedereen in zijn of haar nabije omgeving terecht kan voor hulp en advies als het gaat om discriminatie of om (mogelijke) gevallen van discriminatie te melden.

Art.1 Bureau Discriminatiezaken Noord Holland Noord is onderdeel van de landelijke organisatie Art.1. Deze naam verwijst naar Artikel 1 van de grondwet. De landelijke campagne wordt gevoerd in naam van alle anti discriminatiebureaus in Nederland. Iedereen die het landelijke telefoonummer 0900 – 2 354 354 belt wordt doorverbonden met een kantoor in zijn eigen woonplaats of regio. De inwoners van Noord Holland Noord worden doorverbonden met lokaties in Alkmaar, Hoorn of Den Helder.

De campagne wordt gevoerd in het kader van de Wet gemeentelijke antidiscriminatievoorzieningen die op 23 juni is aangenomen. Nederland is daarmee het eerste land in Europa dat deze mogelijkheden wettelijk regelt. De wet garandeert een landelijk netwerk van deze voorzieningen.Discriminatie 2

Tegelijk met de campagne is voor het eerst landelijk cijfermateriaal beschikbaar van het LECD, het landelijk expertisecentrum van de politie dat zich richt op diversiteit en de bestrijding van discriminatie. Uit dit Criminaliteitsbeeld Discriminatie blijkt onder meer het volgende:
- Er komt zes keer per dag bij de politie een melding of aangifte binnen van discriminatie. In 2008 betekende dit dat 2240 incidenten zijn binnengekomen bij de politie.
- In 261 gevallen ging het om discriminatie van politieambtenaren.
- Tien procent van de incidenten speelt zich af in de directe woonomgeving van het slachtoffer.
- Het aantal incidenten gericht tegen homoseksuelen over 2008 vertoont een licht stijgende lijn.

Achtergrondinformatie persconferenDiscriminatie 3tie 23 juni 2009

Cijfers zeggen veel, maar nog niet genoeg Over enkele weken zijn de kerncijfers 2008 van Art.1 beschikbaar. Deze kerncijfers geven het totaal aantal meldingen weer dat in 2008 is gedaan bij antidiscriminatiebureaus in Nederland.

Uit de eerste nog ruwe gegevens is af te lezen dat er meer meldingen van discriminatie zijn gedaan dan in 2007. Een van de oorzaken van deze stijging is de toename in het aantal meldpunten. Incidenten die voorheen niet werden gemeld worden omdat mensen geen voorziening in de buurt hadden waar zij terecht konden voor hun klacht, worden nu wel geregistreerd en deze klachten worden nu op professionele wijze behandeld.

Art.1 streeft naar een volledige landelijke dekking en is verheugd dat de groei van meldpunten er daadwerkelijk toe leidt dat meer discriminatie-ervaringen worden gemeld. Wanneer de Wet op de gemeentelijke antidiscriminatievoorzieningen een feit is zal deze wet dit proces nog versnellen, gemeenten zijn dan bij wet verplicht om hun burgers toegang te bieden tot een laagdrempelige voorziening voor hulp en advies over discriminatie.

Of discriminatie in absolute zin is toegenomen is niet af te leiden uit de toename van klachten. Uit onderzoek is gebleken dat 75 – 80 % van de discriminatievoorvallen niet wordt gemeld. (Een representatieve steekproef die werd gedaan voor de Monitor Rassendiscriminatie 2005 leverde deze constatering op.) De stijging die nu wordt gesignaleerd in de kerncijfers dekt bij lange na niet het percentage voorvallen dat niet wordt gemeld.

Het aantal meldingen blijft dus nog steeds achter bij het werkelijke aantal incidenten. Dit geldt ook voor bijvoorbeeld de cijfers van de politie waar sprake is van een vergelijkbare onderraportage. Het trekken van conclusies uit de (kern)cijfers is op dit moment in feite niet mogelijk. Het zicht op aard en omvang van discriminatie is daarvoor eenvoudigweg nog niet groot genoeg. Wel zijn enkele belangrijke conclusies mogelijk uit de inhoud van de geregistreerde voorvallen in combinatie met de huidige onderrapportage. Discriminatie 4

De ernst van de voorvallen die wel worden geregistreerd laat duidelijk zien hoe schadelijk discriminatie is voor zowel het individu als de samenleving als geheel. Uitgesloten worden op grond van kenmerken die er niet toe doen is voor de persoon die dit meemaakt bijzonder pijnlijk en kwetsend. Onderzoek wijst uit dat gediscrimineerd worden leidt tot gevoelens van onvrede en zeer concrete en negatieve gevolgen kan hebben zoals voortijdige uitval op school, ziekteverzuim op het werk of een slechte situatie in woonbuurten. Dit is niet alleen schadelijk voor het individu maar ook voor de samenleving die daardoor talent en potentieel misloopt.

Samenvattend: De ernst van de geregistreerde voorvallen en de bestaande onderrapportage geven duidelijk aan dat het vergroten van de meldingsbereidheid belangrijk is. Alleen wanneer discriminatie-ervaringen worden gemeld kan discriminatie worden aangepakt en kunnen de schadelijke effecten voor individu en samenleving worden tegengegaan. De campagne die BZK nu organiseert vindt Art.1 dan ook noodzakelijk en urgent. De campagne brengt de mogelijkheid om discriminatie te melden en de centrale rol van de ADBs onder de gebracht bij een breed publiek. Voor deze mensen is het van belang om te weten dat zij bij professioneel uitgeruste ADBs terecht kunnen die luisteren naar hun verhaal en in overleg met de cliënt beslissen welke vervolgstappen kunnen worden ondernomen.

 
< Vorige   Volgende >

Wat vind jij?

Het proces Wilders zorgt voor meer PVV stemmers