|
3. Wat doet Art.1 Bureau Discriminatiezaken Noord-Holland Noord? |
Bij Art.1 NHN komen klachten binnen van mensen die vinden of vermoeden dat ze gediscrimineerd zijn of van mensen die discriminatie hebben gezien. Art.1 NHN onderzoekt of er mogelijk discriminatie in het spel is. Soms concludeert Art.1 NHN dat de klachtindiener zich mogelijk achtergesteld voelt, maar dat de klacht onvoldoende aanknopingspunten biedt om te kunnen spreken van discriminatie zoals dat in wet en regelgeving is vastgelegd. Bestaat er wel een gefundeerd vermoeden dat er discriminatie in het spel is, dan bekijkt het bureau welke mogelijke vervolgstappen in het verschiet liggen. De keuze voor de vervolgstappen hangen af van de aard van de klacht, de wensen en verwachtingen van de klachtindiener, de bewijsmogelijkheden en de resultaatmogelijkheden die Art.1 NHN ziet. Ook is het mogelijk om een incident alleen te melden (al dan niet anoniem).
Tot de mogelijkheden van Art.1 NHN behoren praten met de betrokken mensen en/of organisaties en proberen te bemiddelen. Soms wordt de politie ingeschakeld of wordt er via publiciteit aandacht gegenereerd. In bepaalde gevallen kan Art.1 NHN de zaak voorleggen aan de Commissie Gelijke Behandeling. Deze Commissie onderzoekt de klacht en gaat na of een bijvoorbeeld een bedrijf zich aan de wet heeft gehouden. Vervolgens doet de Commissie een uitspraak. |